Biotech + textiel = ?

0 0
Read Time2 Minute, 52 Second

Vorige week beschreef ik wat biotech kan betekenen voor de gezondheidszorg. Deze keer zal ik een andere tak binnen de biotech industrie uit de doeken doen. Zoals jullie wellicht wel weten, draait mijn SBP project rond het oprichten van een kledijmerk die zich wil profileren als nieuwe speler binnen de slow fashion industrie. Daarom ben ik deze week op zoek gegaan naar hoe de biotech industrie de kledingindustrie zou kunnen veranderen in de manier van het maken van kledij.

Textielsector: de feiten

Qua CO²-uitstoot en waterverbruik is de textielindustrie een van de meest vervuilende industrieën. De sector is verantwoordelijk voor 1,2 miljard ton aan CO² uitstoot. Daarnaast verbruikt de textielproductie niet minder dan 93 miljard kubieke meter water op jaarbasis. Dit is goed voor 4 % van het zoetwaterverbruik. Katoen is dan ook een van de meest water-intensieve vezels om te produceren. Door die katoenproductie komen dan ook nog eens veel gevaarlijke chemicaliën vrij in het milieu. 20 % van de watervervuiling is dan ook te herleiden tot het verven en behandelen van textiel, en dan wordt het waterverbruik voor het wassen van die kledij daar nog niet bijgerekend! Daar zijn ook cijfers van de vinden: voor het wassen drogen van kledij is 120 miljoen ton CO² nodig.

Van enzymen voor bleken tot levende organismen om kledij te produceren

Binnen de textielindustrie wordt al langer gebruik gemaakt van biotech. Zo worden enzymen al gebruikt om textiel te wassen en bleken, om jeans een denim look te geven en om te voorkomen dat wol krimpt. In de nabije toekomst zullen onze kleren echter gemaakt en gekleurd worden door levende organismen! Op die manier kan ervoor gezorgd worden dat er weinig tot geen chemische processen gebruikt moeten worden om textiel te verwerken tot kleding, wat dan weer goed is voor de ecologische voetafdruk van de textielsector (Labiotech, 2019).

Enkele voorbeelden van nieuwe soorten bio-textiel

Spinsel staat bekend als een sterk, flexibel en licht materiaal. Natuurlijk is het moeilijk om spinnen te kweken op een industriële schaal. Althans, tot een Duits onderzoekslab een manier om dit probleem op te lossen. Dit deden ze door spinnen-DNA toe te voegen aan microben om spinsel proteïnen te maken. Daarvan worden dan uiteindelijk textielvezels gemaakt. (Labiotech, 2019) Deze techniek zorgt er dus voor dat we geen spinsel moeten “melken” van spinnen. Vegans en arachnofoben kunnen dus op hun 2 oren slapen: er is geen nood aan spin-kwekerijen. Wist je trouwens dat de C. Darwin spin het sterkste spinsel ter wereld (Guinness World Records, 2011) maakt?

Nog een veelbelovend biomateriaal is mycelium (zwamvlok), maw: het netwerk van alle draden van een schimmel. Een groot voordeel is dat het volledig biologisch afbreekbaar is. Daarnaast kan je ook gemakkelijk zelf je mycelium kweken.

Een derde veelbelovende nieuwe soort textiel, is komboecha leer. Dit leerde ik kennen tijdens de boostcamp circulair ondernemen die ik in september 2019 volgde. Dit soort vegan leer, is gemaakt uit het restproduct van komboecha, een soort ice tea dat ontstaat uit de fermentatie van gezoete thee door azijnzuurbacteriën- en gist-culturen (Wikipedia, 2019).

Conclusie

Ondanks katoen al enkele eeuwen lang de dominerende soort textiel was binnen de textiel-industrie zijn er dankzij de recente ontwikkelingen binnen de biotech sector nieuwe soorten textiel in opkomst die de textielindustrie volledig op zijn kop kunnen zetten. Op die manier kan de industrie zijn ecologische voetafdruk sterk verminderen en overal ter wereld nieuwe jobs creëren.

Bronnen

Labiotech
Guinness World Records
Wikipedia

Happy
Happy
0 %
Sad
Sad
0 %
Excited
Excited
100 %
Sleepy
Sleepy
0 %
Angry
Angry
0 %
Surprise
Surprise
0 %